ECLI:NL:RVS:2003:AF5977
Raad van State
- Hoger beroep
- T.M.A. Claessens
- M.E.E. Wolff
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens termijnoverschrijding bij weigering toevoegingen
Appellant had bij besluit van 3 februari 2001 geweigerd gekregen twee toevoegingen van de raad voor rechtsbijstand. Tegen het besluit van 23 april 2001, waarin het administratief beroep ongegrond werd verklaard, werd beroep ingesteld. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, maar achtte de termijnoverschrijding verschoonbaar.
De Afdeling bestuursrechtspraak stelt dat de ontvangst van het besluit door de gemachtigde van appellant niet op een niet ongeloofwaardige wijze is ontkend. De enkele mededeling dat het besluit niet in het dossier is aangetroffen, is onvoldoende om de ontvangst te ontkennen. Het besluit is op de voorgeschreven wijze bekendgemaakt door toezending op 24 april 2001.
Daarom is de overschrijding van de beroepstermijn niet verschoonbaar en had de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk moeten verklaren. De Afdeling vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een inhoudelijke beoordeling of proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het besluit van 23 april 2001 wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-verschoonbare termijnoverschrijding.