ECLI:NL:RVS:2003:AF5615
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.M. Boll
- M.G.J. Parkins-de Vin
- B.J. van Ettekoven
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering vrijstelling detailhandel bedrijfspand Purmerend
Appellanten verzochten het college van burgemeester en wethouders van Purmerend om vrijstelling voor het gebruik van een bedrijfspand ten behoeve van detailhandel. Het college wees dit verzoek op 28 maart 2001 af, waarna ook het bezwaar en het beroep bij de rechtbank ongegrond werden verklaard. Appellanten stelden dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat een bijgesteld verzoek als een nieuw verzoek moest worden beschouwd.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat het verzoek voor een gedeelte van 1.200 m2 gebruik voor wit- en bruingoed een nieuw verzoek vormde, maar dat de bijstelling voor de overige 5.900 m2 slechts een geringe wijziging betrof. De Afdeling bevestigde dat het college de vrijstelling terecht had geweigerd, omdat het bestemmingsplan en het gemeentelijk perifere detailhandelsbeleid, dat op het moment van het besluit van kracht was, het gevraagde gebruik niet toestonden.
De Afdeling verwierp het beroep en bevestigde de uitspraak van de rechtbank, met een verbetering van de motivering. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van het college van Purmerend om vrijstelling voor detailhandel in het bedrijfspand te verlenen.