ECLI:NL:RVS:2003:AF5027
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- W. van den Brink
- J.H. Roelfsema
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens vervallen voorbereidingsbesluit bestemmingsplan
De gemeenteraad van Bergh had op 27 april 2000 een voorbereidingsbesluit genomen voor herziening van het komplan Zeddam. Dit besluit trad in werking op 11 mei 2000. Volgens artikel 21, vierde lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening vervalt een dergelijk besluit indien binnen een jaar geen ontwerpbestemmingsplan ter inzage wordt gelegd.
Binnen die termijn is geen ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd, waardoor het voorbereidingsbesluit op 11 mei 2001 is vervallen. Trabis Vastgoed Ontwikkeling B.V. had bezwaar gemaakt tegen het voorbereidingsbesluit, maar de gemeenteraad verklaarde dit bezwaar ongegrond. De rechtbank Zutphen had het beroep van Trabis tegen deze beslissing gegrond verklaard en de gemeenteraad opgedragen een nieuw besluit te nemen.
De Raad van State oordeelt echter dat Trabis geen belang meer had bij de beoordeling van de bezwaarbeslissing omdat het voorbereidingsbesluit was vervallen en er geen bouwplan was ingediend dat tot een besluit had moeten leiden. Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en het beroep bij de rechtbank wordt niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het beroep van Trabis wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat het voorbereidingsbesluit is vervallen en er geen belang meer bestond bij beoordeling van de bezwaarbeslissing.