ECLI:NL:RVS:2003:AF4754
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- R.E.A. Matulewicz
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid hoger beroep wegens ontbreken belang bij schadevergoeding na verbetering toegang perceel
Appellante verzocht het college van burgemeester en wethouders van Franekeradeel om toestemming voor het gebruik van een gedeelte van de Kingmatille te Zweins ter verbetering van de toegang tot haar perceel en om op te treden tegen het gebruik door bewoners van een weggedeelte. Het college wees dit verzoek af, waarna appellante bezwaar maakte. Het college verklaarde het bezwaar gedeeltelijk niet-ontvankelijk en ongegrond voor het overige. De rechtbank verklaarde het beroep van appellante niet-ontvankelijk voor zover het betrekking had op het uitblijven van een beslissing op bezwaar en ongegrond voor het overige.
Appellante stelde dat zij schade had geleden door het tijdelijk niet kunnen gebruiken van haar perceel en vorderde vergoeding daarvan. De Raad van State oordeelde dat appellante onvoldoende had gesteld om aan te nemen dat er sprake was van schade die voor vergoeding in aanmerking kwam. Bovendien was het college op 15 juni 2001 alsnog aan de bezwaren tegemoet gekomen door de toegang te verbeteren.
Daarom werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een belang bij het beroep. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 19 februari 2003.
Uitkomst: Het hoger beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van belang bij het beroep.