ECLI:NL:RVS:2003:AF2729
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vrijstelling vestiging hotel met voorwaarde zitplaatsen gelijk aan slaapplaatsen
Appellante vroeg vrijstelling voor het vestigen van een hotel in een pand te Maastricht, waarvoor burgemeester en wethouders een vergunning verleenden met een voorwaarde dat het aantal zitplaatsen in de eetzaal gelijk moest zijn aan het aantal slaapplaatsen in het hotel. Appellante stelde dat deze voorwaarde niet aan de vrijstelling of bouwvergunning mocht worden verbonden en dat deze onevenredig bezwarend was.
De Raad van State overwoog dat de vrijstelling was verleend op grond van het bestemmingsplan dat hotels in het consolidatiegebied alleen toestaat na vrijstelling. De voorwaarde diende ter bescherming van het planologisch belang om te voorkomen dat de restaurantfunctie het hoofddoel zou worden in plaats van logiesverstrekking.
De Afdeling oordeelde dat de voorwaarde binnen de reikwijdte van artikel 15, derde lid, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening valt en dat burgemeester en wethouders deze in redelijkheid mochten verbinden aan de vrijstelling. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de president van de arrondissementsrechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt ongegrond verklaard en de voorwaarde bij de vrijstelling bevestigd.