ECLI:NL:RVS:2002:AH8804
Raad van State
- Hoger beroep
- E.A. Alkema
- E.D.A.M. Zegveld
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing aanvraag verblijfsvergunning asiel voor alleenstaande minderjarige vreemdeling
Appellant heeft bij besluit van 27 augustus 2001 een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris is afgewezen. De rechtbank verklaarde zich onbevoegd voor zover het beroep betrekking had op de verblijfsvergunning als alleenstaande minderjarige vreemdeling en verklaarde het beroep voor het overige ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in tegen deze uitspraak.
De Raad van State overwoog dat de rechtbank terecht het beroepschrift als bezwaarschrift doorzond aan de staatssecretaris en dat de staatssecretaris niet verplicht was een nieuw besluit te nemen over de aanvraag als alleenstaande minderjarige vreemdeling. Tevens werd geoordeeld dat de bevindingen in het individueel ambtsbericht van de Minister van Buitenlandse Zaken geen beslissende rol spelen bij de beoordeling van het asielrelaas, zodat het niet nodig was de onderliggende stukken op te vragen.
De overige overwegingen van de rechtbank, dat appellant niet aannemelijk heeft gemaakt dat er feiten en omstandigheden zijn die zijn vrees voor vervolging rechtvaardigen, bleven onbestreden. De Raad van State verklaarde het hoger beroep kennelijk ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de afwijzing van de aanvraag verblijfsvergunning asiel en verklaart het hoger beroep ongegrond.