ECLI:NL:RVS:2002:AF2460
Raad van State
- Hoger beroep
- W. van den Brink
- J.H. Roelfsema
- Rechtspraak.nl
Bevestiging dat ontmanteling asielzoekerscentrum binnen vijf jaar moet plaatsvinden
Burgemeester en wethouders van Etten-Leur verleenden op 11 september 2001 vrijstelling en bouwvergunning voor de bouw van een asielzoekerscentrum (AZC) en een school op een terrein in Etten-Leur. De vrijstelling was gebaseerd op artikel 17 van Pro de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) en gold voor een periode van vijf jaar. Na bezwaar verklaarden burgemeester en wethouders de bezwaren ongegrond, maar de voorzieningenrechter van de rechtbank Breda vernietigde deze besluiten en beval een nieuwe beslissing.
Burgemeester en wethouders stelden in hoger beroep dat de ontmanteling van het AZC na de vijfjarige termijn mocht plaatsvinden, verwijzend naar artikel 17, vierde lid, WRO. De Raad van State oordeelde dat de vijfjarige termijn loopt vanaf het begin van de bouw tot het moment waarop de bouwwerken zijn verwijderd. De ontmanteling moet dus binnen deze termijn plaatsvinden. Het beroep van burgemeester en wethouders werd ongegrond verklaard.
De Raad vernietigde het besluit van 17 september 2002 waarin was bepaald dat de ontmanteling na de vijf jaar mocht plaatsvinden. Er werd geen proceskostenvergoeding toegekend. De uitspraak bevestigt dat de vrijstelling en de instandhoudingstermijn strikt gekoppeld zijn aan de periode van vijf jaar en dat herstel van de oorspronkelijke situatie binnen die termijn moet plaatsvinden.
Uitkomst: De ontmanteling van het asielzoekerscentrum moet binnen de vijfjarige vrijstellingsperiode plaatsvinden; het besluit dat ontmanteling na deze termijn toestaat wordt vernietigd.