ECLI:NL:RVS:2002:AF2456
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H. Beekhuis
- R.G.P. Oudenaller
- Rechtspraak.nl
Ongegrond verklaring beroep tegen milieuvergunning kunststofproductie in Ermelo
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelde het beroep van appellanten tegen de vergunning verleend door burgemeester en wethouders van Ermelo aan een vergunninghoudster voor de productie van kunststofproducten middels spuitgieten. Appellanten voerden onder meer aan dat de vergunning onvoldoende bescherming bood tegen brand- en veiligheidsrisico's, en dat het akoestisch rapport onvolledig en niet representatief was.
De Afdeling oordeelde dat polipropyleen als grondstof niet brandgevaarlijk is en dat de productie plaatsvindt in een gesloten systeem zonder verbranding van materialen. De vergunning bevat voorschriften voor brandpreventie en -bestrijding, waaronder goedkeuring van de brandveiligheid en jaarlijkse controle van brandblusmiddelen. De machines zijn beveiligd met een systeem dat bij onregelmatigheden uitschakeling mogelijk maakt, en zijn gekoppeld aan een centrale computer. Hierdoor is de veiligheid voldoende gegarandeerd.
Ten aanzien van het akoestisch rapport stelde de Afdeling vast dat dit betrekking had op de juiste locatie en uitging van tien machines, en dat geluidmetingen waren uitgevoerd bij de dichtstbijzijnde woningen. Het referentieniveau was vastgesteld conform de geldende handleiding. De bezwaren van appellanten over overschrijding van geluidgrenswaarden en onvolledigheid van het rapport hadden geen betrekking op de rechtmatigheid van de vergunning en faalden.
Ook het bezwaar dat er geen voorschriften waren verbonden ter voorkoming van geurhinder werd verworpen omdat voorschriften 1.1 en 3.1 aan de vergunning waren verbonden. Het beroep werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de milieuvergunning voor kunststofproductie is ongegrond verklaard.