ECLI:NL:RVS:2002:AF2081
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Bevestiging handhaving dwangsom tegen illegale verhuur- en grondverzetactiviteiten op agrarisch perceel
Appellante voerde hoger beroep tegen de uitspraak van de rechtbank die het beroep tegen een dwangsom van burgemeester en wethouders van Moordrecht ongegrond verklaarde. De dwangsom was opgelegd om de illegale verhuur- en grondverzetactiviteiten op een agrarisch perceel te beëindigen.
De Raad overwoog dat de activiteiten niet onder de agrarische bestemming van het perceel vielen en derhalve verboden waren. De vooraankondiging bestuursdwang was aan de vader gericht, maar kon ook aan de zoon worden tegengeworpen omdat zij op hetzelfde adres woonden en de zoon bekend was met de illegale situatie.
Verder stelde de Raad vast dat geen concreet zicht bestond op legalisering van de activiteiten en dat het gemeentelijke en provinciale beleid niet toestond dat niet-agrarische bedrijvigheid in het buitengebied werd gedoogd. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel faalde omdat in vergelijkbare gevallen ook handhavend werd opgetreden.
De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de dwangsom tegen de illegale activiteiten wordt gehandhaafd.