ECLI:NL:RVS:2002:AF1732
Raad van State
- Hoger beroep
- E.M.H. Hirsch Ballin
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing huursubsidie voor periode juli tot november 1999
Appellant verzocht om huursubsidie voor de periode van 1 juli 1999 tot 1 november 1999, welke door de Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer werd afgewezen. Het bezwaar hiertegen werd eveneens ongegrond verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond, waarna appellant hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het hoger beroep geen nieuwe gronden bevatte die tot een andere conclusie konden leiden dan die van de rechtbank. Tevens werd geoordeeld dat de huursubsidie pas met ingang van 1 november 1999 toegekend hoefde te worden omdat de broer van appellant tot 26 oktober 1999 als eigenaar en bewoner op het woonadres stond ingeschreven.
Daarnaast werd bevestigd dat de staatssecretaris terecht geen toepassing gaf aan artikel 9, tweede lid, van de Huursubsidiewet. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep is ongegrond verklaard en de afwijzing van het huursubsidieverzoek bevestigd.