ECLI:NL:RVS:2002:AF1443
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- E.A. Alkema
- E.M.H. Hirsch Ballin
- Rechtspraak.nl
Bevestiging intrekking erkenning APK-keuring wegens meerdere tekortkomingen
Appellante kreeg op 6 november 2001 door de RDW een tijdelijke intrekking van haar erkenning voor APK-keuringen opgelegd vanwege geconstateerde tekortkomingen bij een herschouwing op 5 oktober 2001. Deze tekortkomingen betroffen onder meer het ontbreken van geldige ijkcertificaten voor meetapparatuur, het vast opgeslagen staan van een pincode in de computer, en het ontbreken van verplichte meetinstrumenten.
Appellante voerde in hoger beroep aan dat zij handelde in overeenstemming met de ratio van de voorschriften en dat sommige tekortkomingen haar niet konden worden toegerekend. De Raad van State oordeelde echter dat de Erkenningsregeling APK duidelijke voorschriften bevat waaraan appellante zich moest houden, ongeacht haar mening over het nut ervan.
De Raad stelde vast dat de RDW terecht de intrekking handhaafde, omdat de erkenninghouder verantwoordelijk is voor de naleving van de voorschriften en dat de geconstateerde tekortkomingen voldoende aanleiding vormden voor de sanctie. Ook was er geen sprake van bijzondere omstandigheden die een lichtere sanctie rechtvaardigden.
Daarom werd het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de voorzieningenrechter bevestigd.
Uitkomst: De intrekking van de APK-erkenning van appellante wordt bevestigd wegens meerdere tekortkomingen.