ECLI:NL:RVS:2002:AE7986
Raad van State
- Hoger beroep
- C. de Gooijer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging uitspraak rechtbank over huurprijsvaststelling na renovatie woning
Appellant huurt een woning die in 1991/1992 ingrijpend is verbeterd. De Staatssecretaris stelde de huurprijs na renovatie vast op ƒ 476,82 per maand. Appellant maakte bezwaar tegen deze huurprijs en voerde aan dat de rechtbank een onjuiste uitleg gaf aan het Besluit Huurprijzenwet woonruimte en de daarbij behorende circulaire.
De rechtbank oordeelde dat eerst de minimale forfaitaire huur berekend moet worden alvorens de vergroting van de woning in de huurprijs wordt betrokken. Deze uitleg werd door de Afdeling bestuursrechtspraak bevestigd. De door appellant voorgestelde methode, die een veel lagere huurprijs zou opleveren, strookt niet met de wettelijke regeling.
De Afdeling concludeert dat de rechtbank terecht oordeelde dat de Staatssecretaris de oude huurprijs vóór renovatie ten onrechte niet had verhoogd tot het forfaitaire bedrag van ƒ 160,00. Het hoger beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.