ECLI:NL:RVS:2002:AE7607
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- M. Vlasblom
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en terugwijzing van besluit staatssecretaris inzake verblijfsvergunning asiel
De staatssecretaris van Justitie wees op 13 maart 2002 de aanvraag van een vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af. De voorzieningenrechter verklaarde het daarop ingestelde beroep gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde bij de Raad van State.
De kern van het geschil betrof de vraag of de termijn van drie proces-uren voor het uitbrengen van een schriftelijke zienswijze door de vreemdeling correct was aangevangen. De voorzieningenrechter had geoordeeld dat de termijn pas begon bij het daadwerkelijk verrichten van onderzoeksactiviteiten, maar de Afdeling bestuursrechtspraak stelde vast dat de termijn begint op het moment van uitreiking van het schriftelijk voornemen aan de rechtshulpverlener.
De Raad oordeelde dat de staatssecretaris geen overleg hoefde te voeren over het tijdstip van uitreiking, tenzij de rechtshulpverlener tijdig en gemotiveerd om overleg verzoekt. Capaciteitsproblemen bij de rechtshulpverlener konden niet leiden tot verlenging van de termijn. De staatssecretaris had de beschikking binnen de wettelijke termijnen mogen geven, ook zonder dat een zienswijze was ingediend.
De Raad vernietigde het bestreden vonnis en het besluit van 3 juni 2002, en verwees de zaak terug naar de rechtbank voor inhoudelijke beoordeling. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het besluit van de staatssecretaris tot afwijzing van de verblijfsvergunning wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen naar de rechtbank.