ECLI:NL:RVS:2002:AE5955
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.W. Scholten-Hinloopen
- T.M.A. Claessens
- A.W.M. Bijloos
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet-tijdige bekrachtiging door gemeenteraad
De gemeente Gennep had een verzoek tot schadevergoeding afgewezen, waarna de rechtbank het bezwaar van de verzoeker gegrond verklaarde en het besluit van de raad vernietigde. De gemeente stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State. Echter, het college van burgemeester en wethouders had het hoger beroep ingesteld zonder dat de gemeenteraad dit tijdig had bekrachtigd, zoals vereist volgens artikel 164 van Pro de Gemeentewet.
De gemeente voerde aan dat de bekrachtiging in de raadsvergadering van 29 oktober 2001 had plaatsgevonden en dat het gebruikelijk was eerst advies te vragen aan raadscommissies. De Raad van State oordeelde dat dit niet voldeed aan de wettelijke vereisten, omdat de bekrachtiging niet in de eerstvolgende raadsvergadering na het instellen van het hoger beroep had plaatsgevonden.
Hierdoor werd het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van een rechtstreeks belang en het niet naleven van de procedurele vereisten. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep van de gemeente Gennep is niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van tijdige bekrachtiging door de gemeenteraad.