ECLI:NL:RVS:2002:AE4845
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- M. Vlasblom
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Vaststelling geen nieuw feit bij aanvraag verblijfsvergunning op grond van traumata-beleid
De vreemdeling diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning op grond van traumata-beleid, nadat een eerdere aanvraag was afgewezen. De rechtbank oordeelde dat de medische rapporten van na de eerdere beslissing als nieuw bewijs konden gelden, waardoor de aanvraag niet zonder meer afgewezen mocht worden.
De Raad van State stelt echter vast dat de feiten waarop de traumata-behandeling is gebaseerd al bekend waren tijdens de eerste procedure en dat de medische rapporten geen nieuwe feiten of veranderde omstandigheden bevatten zoals bedoeld in artikel 4:6 van Pro de Algemene wet bestuursrecht. De vreemdeling had deze trauma’s in de eerste procedure moeten aanvoeren.
Daarom mocht het bestuursorgaan de aanvraag afwijzen onder verwijzing naar het eerdere besluit. De Raad van State vernietigt het vonnis van de rechtbank en verklaart het beroep ongegrond. Er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het eerdere besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning blijft in stand.