ECLI:NL:RVS:2002:AE2291
Raad van State
- Hoger beroep
- P. van Dijk
- R.W.L. Loeb
- M. Vlasblom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging voortzetting vrijheidsontnemende maatregel bij asielaanvraag ondanks overschrijding 48 uur termijn
Appellant betoogde dat zijn asielaanvraag niet binnen de vereiste 48 proces-uren was afgehandeld en dat de vrijheidsontnemende maatregel daarom onrechtmatig werd voortgezet. Tevens stelde hij dat de voortzetting in strijd was met de Vreemdelingencirculaire 2000, omdat geen noodzaak tot nader onderzoek meer bestond.
De rechtbank had geoordeeld dat de maatregel mocht worden voortgezet omdat nader onderzoek noodzakelijk was, hetgeen door de staatssecretaris werd onderbouwd met een brief waarin werd gesteld dat afwijzing binnen 48 uur niet zorgvuldig mogelijk was en appellant in het Grenshospitium werd geplaatst.
De Raad van State oordeelde dat de rechtbank de maatregel terecht had bevestigd, ook al was de termijn van 48 uur overschreden. De voortzetting was gebaseerd op het vereiste nader onderzoek en het bieden van gelegenheid tot het geven van een zienswijze. Er was geen sprake van misbruik van bevoegdheid.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De voortzetting van de vrijheidsontnemende maatregel tegen appellant is rechtmatig bevestigd ondanks overschrijding van de 48 uur termijn.