ECLI:NL:RVS:2002:AE2089
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H.B. van der Meer
- C. Sparreboom
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering huursubsidie over 1995 wegens te hoog geschat inkomen
Appellant maakte bezwaar tegen de terugvordering van huursubsidie over het tijdvak 1 juli 1995 tot 1 juli 1996, omdat het geschatte inkomen over 1995 te hoog was vastgesteld. De staatssecretaris had de subsidie op nul gesteld en het ten onrechte betaalde bedrag teruggevorderd. De rechtbank had het bezwaar aanvankelijk gegrond verklaard, maar in een latere uitspraak het bezwaar ongegrond verklaard.
In hoger beroep betoogde appellant dat het inkomen over de periode september 1995 tot september 1996 als uitgangspunt moest gelden, en dat de vangnetbepaling van artikel 26b Huursubsidiewet van toepassing was. De Raad van State oordeelde dat volgens de wet het geschatte inkomen over het kalenderjaar 1995 leidend is voor de vaststelling van de huursubsidie, en dat het inkomen van appellant inderdaad te hoog was.
Daarnaast is de vangnetbepaling niet van toepassing omdat deze pas in 1998 in werking trad, terwijl de aanvraag betrekking had op 1995-1996. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde de uitspraak van de rechtbank. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.