ECLI:NL:RVS:2002:AE2075
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J.R. Schaafsma
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing revisievergunning veehouderij en stankhinder
Bij besluit van 19 juni 2001 verleenden burgemeester en wethouders van Ruurlo een revisievergunning voor een veehouderij aan een locatie. Appellant stelde beroep in tegen dit besluit en voerde onder meer bezwaren aan over stankhinder en de categorie-indeling van omliggende objecten.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat een deel van de bedenkingen van appellant te laat was ingediend en daarom niet-ontvankelijk was. De overige bedenkingen, waaronder die over stankhinder, werden inhoudelijk beoordeeld. De vergunninghouder mocht een aantal dieren houden binnen de grenzen van de Wet milieubeheer en de geldende richtlijnen.
De Afdeling stelde vast dat de afstand tussen stallen en woningen grotendeels voldeed aan de richtlijnen en dat de vergunning een verbetering betekende ten opzichte van de onderliggende vergunning. Het beroep werd daarom voor het overige ongegrond verklaard en de vergunning bevestigd.
Er werd geen aanleiding gezien voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 1 mei 2002.
Uitkomst: Beroep deels niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding en voor het overige ongegrond verklaard; vergunning bevestigd.