ECLI:NL:RVS:2002:AE1624
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H.G. Lubberdink
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning bouwplan met geringe overschrijding bestemmingsvlak
De zaak betreft een bouwplan waarbij twee woningen werden samengevoegd en verbouwd, inclusief een verlaging van de gootlijn en wijziging van de gevelindeling. Een nieuwe muur voor isolatie overschrijdt het bebouwingsvlak met twintig centimeter, wat strijdig is met het bestemmingsplan “Buitengebied - herziening 1984”. Burgemeester en wethouders verleenden vrijstelling via de anticipatieprocedure van artikel 19 WRO Pro, waarvoor aan de formele vereisten was voldaan.
Appellant stelde dat onterecht artikel 19 WRO Pro werd toegepast en dat een binnenplanse vrijstelling volgens artikel 15 WRO Pro passend was. Ook werd het ontbreken van spoedeisendheid betoogd en werden bezwaren geuit tegen het welstandsadvies. Daarnaast werden problemen met hemelwaterafvoer en vocht in de woning aangevoerd.
De Raad van State oordeelde dat het belang van onmiddellijke uitvoering tegen het afwachten van het bestemmingsplan moest worden afgewogen. Gezien de geringe overschrijding en planologische uitstraling waren geen zwaardere eisen aan spoedeisendheid en planologisch kader nodig. Het welstandsadvies was weliswaar summier maar niet onbegrijpelijk en niet onrechtmatig. Schade door uitvoering valt buiten deze procedure.
Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunningverlening bevestigd.