ECLI:NL:RVS:2002:AE1164
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- M. Vlasblom
- T.M.A. Claessens
- Rechtspraak.nl
Beoordeling herhaalde asielaanvraag en toepassing artikel 4:6 Awb bij ontbreken nieuw gebleken feiten
Appellant diende een herhaalde aanvraag in voor een verblijfsvergunning asiel, die door de staatssecretaris werd afgewezen. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde dat hij nog steeds werd gezocht door Koerdische autoriteiten en overhandigde een arrestatiebevel en brieven ter onderbouwing.
De Raad van State overwoog dat op grond van artikel 4:6 Awb Pro nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden moeten worden vermeld bij een herhaalde aanvraag. Het door appellant overgelegde arrestatiebevel dateerde van vóór de eerdere beslissing en had dus eerder kunnen worden overgelegd. De brieven van familieleden werden niet als objectief bewijs erkend.
De Raad concludeerde dat het arrestatiebevel geen nieuw feit is en dat appellant geen concrete omstandigheden had aangevoerd die dit anders maakten. Het hoger beroep faalde en de uitspraak van de rechtbank werd bevestigd zonder proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van de herhaalde asielaanvraag wordt bevestigd.