ECLI:NL:RVS:2002:AE0366
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J.M.S. Leyten-de Wijkerslooth
- M.W.M. Vos-van Gortel
- H. Beekhuis
- Rechtspraak.nl
Vernietiging niet-ontvankelijkverklaring bezwaar wegens gebrekkige mandaatverlening
Bij besluit van 20 januari 2000 stelde de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer een correctie vast op een subsidie. De directeur van de Milieudienst van Amsterdam maakte namens het dagelijks bestuur bezwaar tegen dit besluit, maar dit bezwaar werd niet-ontvankelijk verklaard omdat de directeur niet bevoegd zou zijn geweest tot het indienen van bezwaar.
De appellanten, burgemeester en wethouders van Amsterdam, stelden dat de directeur gemachtigd was om bezwaar te maken. Zij bekrachtigden achteraf het door de directeur ingediende bezwaar binnen de gestelde termijn. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het achteraf bekrachtigen van het bezwaar het gebrek in mandaatverlening herstelt en dat het bestuursorgaan onjuist heeft gehandeld door het bezwaar niet-ontvankelijk te verklaren.
De Afdeling vernietigde het besluit van 25 mei 2000 dat het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde en gelastte vergoeding van het betaalde griffierecht. Er werden geen proceskosten toegekend. De uitspraak bevestigt dat achteraf bekrachtigen van een bezwaar binnen de wettelijke termijn het bezwaar ontvankelijk kan maken ondanks aanvankelijke gebrekkige mandaatverlening.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot niet-ontvankelijkverklaring van het bezwaar wordt vernietigd.