ECLI:NL:RVS:2001:AE0142
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- J.A.M. van Angeren
- M.G.J. Parkins-de Vin
- Rechtspraak.nl
Bevestiging onbevoegdverklaring rechtbank inzake schadevergoeding bodemsanering
In deze zaak heeft de Raad van State het hoger beroep behandeld tegen de uitspraak van de rechtbank 's-Hertogenbosch, die zich onbevoegd had verklaard om kennis te nemen van het beroep van Autobedrijf De Toekomst B.V. en een verzoeker tegen de afwijzing van hun schadevergoedingsverzoek.
De schadevergoeding betrof kosten van rechtsbijstand die zij hadden gemaakt als gevolg van eerdere besluiten van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer inzake bodemsanering van het Gerjo-terrein. De rechtbank oordeelde dat zij niet bevoegd was omdat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State exclusief bevoegd was voor beroepen tegen besluiten op grond van de Interimwet bodemsanering en de Wet bodembescherming.
De Raad van State bevestigde deze onbevoegdverklaring en wees het hoger beroep van de Minister af. Tevens veroordeelde de Raad de Minister tot vergoeding van proceskosten aan de verzoekers, omdat de rechtbank ten onrechte onjuiste rechtsmiddelenvoorlichting had gegeven. De uitspraak werd in het openbaar gedaan op 21 november 2001.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de onbevoegdverklaring van de rechtbank en wijst het hoger beroep van de Minister af.