ECLI:NL:RVS:2001:AD9188
Raad van State
- Hoger beroep
- R.W.L. Loeb
- B. van Wagtendonk
- M. Vlasblom
- Rechtspraak.nl
Vernietiging opheffing vreemdelingenbewaring en ongegrondverklaring beroep Staatssecretaris
De Staatssecretaris van Justitie stelde A. in vreemdelingenbewaring op 7 september 2001. De rechtbank te 's-Gravenhage hechtte hieraan geen stand en hief de bewaring op bij uitspraak van 24 september 2001. De Staatssecretaris ging in hoger beroep tegen deze uitspraak.
De Raad van State oordeelt dat de rechtbank ten onrechte de bewaring heeft opgeheven vanwege het ontbreken van informatie over de inzet van bevoegdheden door ambtenaren, terwijl de rechter in vreemdelingenzaken niet over dergelijke aanwending van bevoegdheden mag oordelen. Tevens is vastgesteld dat de Staatssecretaris onterecht geen informatie verstrekte, maar dit rechtvaardigt niet de opheffing van de bewaring.
De Raad verklaart zich onbevoegd om kennis te nemen van het hoger beroep tegen de toewijzing van het verzoek om schadevergoeding. Het hoger beroep wordt voor het overige gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd voor zover de bewaring is opgeheven en de Staatssecretaris in de proceskosten is veroordeeld. Het beroep tegen het bewaringbesluit wordt alsnog ongegrond verklaard en een proceskostenveroordeling wordt afgewezen.
Uitkomst: De Raad van State vernietigt de opheffing van de vreemdelingenbewaring en verklaart het beroep tegen het bewaringbesluit alsnog ongegrond.