ECLI:NL:RVS:2001:AD6818
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H.B. van der Meer
- D. Haan
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke toetsing bestemmingsplan en voortzetting permanente bewoning natuurgebied
Appellant voerde bezwaar tegen het besluit van burgemeester en wethouders van Eemnes om de bewoning van een pand in een natuurgebied te staken. Het bestemmingsplan 'Wakkerdijk/Meentweg' bestempelde het perceel als natuurgebied, waarbij bestaand gebruik in strijd met het plan onder voorwaarden mocht worden voortgezet.
De Raad van State oordeelde dat het pand als landarbeidershuisje vóór de inwerkingtreding van het bestemmingsplan permanent werd bewoond en dat de woonfunctie niet verloren was gegaan, mede door de intentie van appellant om de bewoning voort te zetten. De Afdeling bestuursrechtspraak achtte het overgangsrecht van toepassing, waardoor burgemeester en wethouders niet bevoegd waren op te treden tegen de bewoning.
Het primaire betoog van appellant dat het perceel een andere bestemming had of dat sprake was van onteigening faalde. Ook werd geen schending van artikel 1 van Pro het eerste protocol bij het EVRM vastgesteld. De Afdeling vernietigde het besluit en het vonnis van de president van de rechtbank Utrecht en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van het vernietigde besluit.
Uitkomst: De Raad van State verklaart het hoger beroep gegrond en vernietigt het besluit dat de bewoning van het pand in het natuurgebied verbood.