ECLI:NL:RVS:2000:AA9251
Raad van State
- Hoger beroep
- J.A.E. van der Does
- J.A.M. van Angeren
- B. van Wagtendonk
- Rechtspraak.nl
Bekendmaking aankooppad door gemeente geen besluit in zin van artikel 8:3 Awb
Appellanten stelden dat zij door een brief van 20 mei 1997 een opgave hadden gedaan als bedoeld in artikel 11 van Pro de Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg), waardoor zij vrij zouden zijn tot vervreemding van het pad aan derden over te gaan. Burgemeester en wethouders van Pijnacker hadden echter bij brief van 5 februari 1998 bekendgemaakt dat zij het pad wensen te kopen tegen een nader overeen te komen prijs.
De rechtbank had het beroep van appellanten tegen het besluit van burgemeester en wethouders om het bezwaar ongegrond te verklaren, afgewezen. De Raad van State sluit zich hierbij aan en oordeelt dat de brief van 20 mei 1997 niet als een opgave in de zin van artikel 11 Wvg Pro kan worden aangemerkt, omdat deze onvoldoende duidelijkheid bood over het karakter ervan. De termijn van acht weken waarbinnen de gemeente moet reageren, was daarom niet verstreken.
Voorts bevestigt de Raad van State dat de bekendmaking door burgemeester en wethouders een besluit is in de zin van artikel 1:3 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb), maar niet onder artikel 8:3 Awb Pro valt. Dit omdat de bekendmaking niet onlosmakelijk verbonden is met de privaatrechtelijke koopovereenkomst en de Wvg zelf publiekrechtelijke waarborgen bevat. Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.