ECLI:NL:RVS:2000:AA6886
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. Grosheide
- Rechtspraak.nl
Weigering bestuursdwang voor geringe afwijkingen bij windturbinepark
Appellant verzocht burgemeester en wethouders van Slochteren om bestuursdwang toe te passen tegen 12 windturbines die hoger zijn dan de vergunde hoogte van 31,40 meter en op een andere locatie dan op de bouwtekening zijn geplaatst. Burgemeester en wethouders wezen dit verzoek af, waarna appellant bezwaar maakte en vervolgens in beroep ging bij de rechtbank en de Raad van State.
De Raad van State overwoog dat burgemeester en wethouders bevoegd waren om handhavend op te treden vanwege de afwijkingen van de bouwvergunning. Echter, omdat de afwijkingen relatief gering waren (hoogte tussen 31,90 en 32,19 meter, locatie op het talud in plaats van de kruin van de dijk) en er een voornemen bestond om de situatie te legaliseren via een nieuw bestemmingsplan dat hogere windturbines toestaat, kon in redelijkheid worden afgezien van bestuursdwang.
De vernietiging van de milieuvergunning door de Afdeling bestuursrechtspraak vanwege onvoldoende onderzoek naar geluidsaspecten vormde geen reden om bestuursdwang toe te passen, aangezien niet vaststond dat een nieuwe vergunning onmogelijk zou zijn. De Raad van State verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde het besluit van burgemeester en wethouders om geen bestuursdwang toe te passen.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt de weigering van bestuursdwang vanwege de geringe afwijkingen en het voornemen tot legalisering.