ECLI:NL:RVS:2000:AA6401
Raad van State
- Hoger beroep
- J.H. Grosheide
- J.J. Schuurman
- Rechtspraak.nl
Bezwaarschrift ondertekend door loco-burgemeester namens gemeente Tubbergen is bevoegd en bezwaarschrift niet-ontvankelijk verklaard onterecht
De gemeente Tubbergen maakte bezwaar tegen een besluit van de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer waarin een vrijstelling werd verleend van de verplichting tot betaling van een bijdrage op grond van de Wet bodembescherming (Wbb). Het bezwaarschrift was ondertekend door de loco-burgemeester namens de gemeente. De Minister verklaarde het bezwaarschrift niet-ontvankelijk, stellende dat alleen burgemeester en wethouders bevoegd waren tot het maken van bezwaar en dat de loco-burgemeester hiertoe niet bevoegd was.
De Raad van State heeft geoordeeld dat het recht tot het maken van bezwaar en het instellen van beroep toekomt aan de gemeente als zodanig en niet aan de gemeenteraad of het college van burgemeester en wethouders afzonderlijk. Op basis van artikel 156 van Pro de Gemeentewet kan de raad bevoegdheden overdragen aan het college, dat vervolgens bevoegd is om te besluiten dat bezwaar wordt gemaakt. De loco-burgemeester vertegenwoordigt de gemeente bij verhindering van de burgemeester overeenkomstig artikel 171 en Pro 77 van de Gemeentewet en was daarom bevoegd het bezwaarschrift te ondertekenen en in te dienen.
De Raad van State vernietigde het besluit van de Minister tot niet-ontvankelijkheid van het bezwaarschrift en verklaarde het beroep gegrond. De Minister werd opgedragen een nieuw besluit te nemen en werd veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van het griffierecht. Hiermee werd bevestigd dat het bezwaarschrift rechtsgeldig was ingediend door de loco-burgemeester namens de gemeente Tubbergen.
Uitkomst: Het bezwaarschrift ondertekend door de loco-burgemeester is bevoegd ingediend en de niet-ontvankelijkverklaring door de Minister wordt vernietigd.