ECLI:NL:RVS:2000:AA5903
Raad van State
- Hoger beroep
- B. van Wagtendonk
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering vergoeding kosten vertaalwerkzaamheden in strafzaak
Appellante verzocht de Raad voor Rechtsbijstand om vergoeding van kosten voor schriftelijke vertaalwerkzaamheden die zij had verricht in een strafzaak om effectief te communiceren met haar Chinese cliënte. De Raad weigerde deze vergoeding op grond van het Besluit vergoedingen rechtsbijstand 1994, waarop ook het administratief beroep van appellante ongegrond werd verklaard.
De rechtbank bevestigde dit besluit en verklaarde het beroep van appellante ongegrond. Appellante stelde vervolgens hoger beroep in bij de Raad van State. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft het hoger beroep behandeld zonder dat partijen verschenen.
De Afdeling overweegt dat artikel 55 van Pro het Besluit alleen vergoeding biedt voor kosten van tolken die bij de verlening van rechtsbijstand worden ingezet, en niet voor schriftelijke vertaalwerkzaamheden. Er is geen andere wettelijke grondslag voor vergoeding van deze kosten. Ook het argument dat appellante tijd en geld bespaarde door schriftelijke communicatie met haar cliënte leidt niet tot een andere beoordeling.
Daarom wordt het hoger beroep ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Er worden geen proceskosten toegekend.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering tot vergoeding van vertaalwerkzaamheden bevestigd.