ECLI:NL:RBZWO:2003:AL6254
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot opheffing dwangbehandeling met separatie en fixatie in psychiatrische instelling
Verzoeker, opgenomen met rechterlijke machtiging wegens een geestesstoornis en agressief gedrag, verzocht om opheffing van de dwangbehandeling bestaande uit separatie en fixatie of overplaatsing naar een andere instelling waar deze maatregelen niet worden toegepast.
De rechtbank overwoog dat de klachtcommissie de klacht van verzoeker gegrond verklaarde omdat de huidige situatie in de instelling onmenselijk was door het gebrek aan perspectief en de langdurige toepassing van de maatregelen. Desondanks is de rechtbank van oordeel dat de maatregelen binnen de instelling noodzakelijk zijn ter afwending van ernstig gevaar voor personeel en anderen, mede gezien de gedocumenteerde incidenten en het onvoorspelbare agressieve gedrag van verzoeker.
De rechtbank wijst het verzoek tot onmiddellijke opheffing af, maar stelt dat voortzetting van de dwangbehandeling na 1 november 2003 onrechtmatig zal zijn indien geen minder beperkende oplossing wordt gevonden, bijvoorbeeld door overplaatsing naar een andere instelling. Verzoeker kan dan schadevergoeding vorderen, tenzij zijn weigering tot overplaatsing een allesbepalende hindernis vormt.
De psychiater gaf aan dat een lichter regime binnen de huidige instelling niet mogelijk is zonder grote risico's, en dat verplaatsing naar een andere instelling met een 1-op-1 begeleiding eind september 2003 verwacht wordt te realiseren.
De rechtbank benadrukt de noodzaak van een humane oplossing op korte termijn en erkent het therapeutisch beperkte effect van de huidige maatregelen, maar acht deze voorlopig gerechtvaardigd.
Uitkomst: Verzoek tot onmiddellijke opheffing van dwangbehandeling afgewezen, voortzetting na 1 november 2003 onrechtmatig tenzij minder beperkende oplossing wordt gevonden.