ECLI:NL:RBZWO:2003:AF4987
Rechtbank Zwolle
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering achterstallig loon en extra vakantiedagen wegens onredelijke voorwaarde werkgever
Eiseres was van april 2000 tot augustus 2001 in dienst bij gedaagde, die vanwege brand het bedrijf tijdelijk verplaatste van Lelystad naar Zoeterwoude. Hiervoor werd een extra reistijdvergoeding en extra vakantiedagen toegekend. Gedaagde stelde een voorwaarde dat de werknemer minimaal één jaar in dienst moest blijven om aanspraak te maken op deze extra's.
Eiseres vorderde betaling van achterstallig loon en niet genoten extra vakantiedagen, inclusief wettelijke verhoging, rente en incassokosten. Gedaagde betwistte dit en stelde dat zij meer hadden betaald dan verschuldigd en dat de voorwaarde van minimaal één jaar dienstverband gerechtvaardigd was.
De kantonrechter oordeelde dat de voorwaarde in strijd is met goed werkgeverschap en artikel 7:650 BW Pro, omdat het neerkomt op een boete bij beëindiging van het dienstverband. De vordering tot betaling van € 170,68 netto achterstallig loon en € 283,47 bruto extra vakantiedagen werd toegewezen, evenals een gematigde wettelijke verhoging van € 100 en de wettelijke rente. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten werd afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, extra vakantiedagen, wettelijke verhoging en rente; voorwaarde minimaal één jaar dienstverband wordt verworpen.