ECLI:NL:RBZWO:2001:AB0714
Rechtbank Zwolle
- Voorlopige voorziening
- H.C. Moorman
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bestuursdwangbesluit burgemeester inzake tijdelijke sluiting coffeeshop wegens overtreding vergunningvoorschriften
Verzoeker exploiteert een coffeeshop waarvoor hij een exploitatievergunning heeft ontvangen. Tijdens controles is geconstateerd dat personeel aanwezig was dat niet op de personeelslijst voorkwam, een overtreding van de vergunningvoorschriften. De burgemeester van Deventer heeft op grond van artikel 13b van de Opiumwet bestuursdwang toegepast door een tijdelijke sluiting van de coffeeshop op te leggen.
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit en een voorlopige voorziening gevraagd. Hij stelde dat de maatregel onevenredig is, dat hij personeelswijzigingen telefonisch had doorgegeven en dat de personeelslijst inmiddels geactualiseerd was. De burgemeester handhaafde het besluit vanwege voortdurende overtreding van de Opiumwet.
De rechtbank overweegt dat het beleid van waarschuwing bij eerste overtreding, tijdelijke sluiting bij tweede en definitieve sluiting bij derde overtreding niet disproportioneel is. De bestuursdwangbevoegdheid van de burgemeester is gegrond op de Opiumwet en het beleid is bekend bij verzoeker. De rechtbank acht het besluit rechtmatig en wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Er zijn geen bijzondere omstandigheden die het toepassen van bestuursdwang onredelijk maken, en het door verzoeker aangevoerde telefonisch doorgeven van personeelswijzigingen voldoet niet aan de vergunningvoorschriften. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het bestuursdwangbesluit tot tijdelijke sluiting van de coffeeshop wordt afgewezen.