ECLI:NL:RBZWB:2026:872
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen lasten onder dwangsom voor illegale dakkapellen in Breda
Eisers zijn eigenaar van een woning in Breda waar zij dakkapellen hebben geplaatst die niet voldoen aan de verleende omgevingsvergunning of vergunningvrij bouwen. Het college heeft daarom lasten onder dwangsom opgelegd om de situatie binnen acht weken te herstellen of de dakkapellen te verwijderen.
Eisers voerden onder meer aan dat het college in strijd met het gelijkheidsbeginsel handhavend optreedt, omdat vergelijkbare dakkapellen elders niet worden aangepakt. Ook stelden zij dat er concreet zicht is op legalisatie door een later verleende omgevingsvergunning. De rechtbank oordeelt dat het college vanwege beperkte capaciteit nog niet tegen alle vergelijkbare gevallen heeft opgetreden, maar dit niet betekent dat er ongelijk wordt gehandeld. De vergunning voor aangepaste dakkapellen legaliseert de bestaande situatie niet.
De rechtbank constateert een procedureel gebrek omdat eisers niet konden reageren op een aanvullende reactie van het college, maar dit is hersteld in beroep. De lasten onder dwangsom zijn terecht opgelegd en het beroep wordt ongegrond verklaard. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eisers.
Uitkomst: Het beroep tegen de lasten onder dwangsom voor illegale dakkapellen wordt ongegrond verklaard en het handhavend optreden van het college bevestigd.