ECLI:NL:RBZWB:2026:732
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek proceskostenvergoeding na intrekking beroep wegens tegemoetkoming inspecteur
Belanghebbende had beroep ingesteld tegen een besluit van de inspecteur van de Belastingdienst betreffende de heffingskortingen over het jaar 2020. Tijdens de procedure heeft de inspecteur toegezegd dat belanghebbende recht heeft op de algemene heffingskorting, waardoor belanghebbende het beroep heeft ingetrokken.
Belanghebbende verzocht vervolgens om een proceskostenvergoeding van €50,- voor portokosten die zij had gemaakt voor het versturen van aangetekende stukken. De inspecteur stelde dat alleen het door belanghebbende betaalde griffierecht vergoed hoefde te worden.
De rechtbank oordeelde dat portokosten niet onder de vergoedingsregeling van het Besluit proceskosten bestuursrecht vallen en dat alleen het griffierecht vergoed kan worden. De rechtbank wees daarom het verzoek om proceskostenvergoeding af, maar wees erop dat de inspecteur verplicht is het griffierecht van €51,- te vergoeden.
De uitspraak werd gedaan door rechter A.H.W. Steijn op 6 februari 2026 en is openbaar gemaakt via rechtspraak.nl. Partijen kunnen binnen zes weken verzet instellen tegen deze uitspraak.
Uitkomst: Verzoek om proceskostenvergoeding voor portokosten wordt afgewezen; alleen griffierecht wordt vergoed.