Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
- De bekennende verklaring van verdachte, afgelegd tijdens de zitting van 22 januari 2026;
- Het proces-verbaal van verhoor verdachte in raadkamer van 4 juni 2025;
- Het proces-verbaal van bevindingen van [persoon 1] van 22 mei 2025, pagina 44 e.v.;
- Het proces-verbaal van bevindingen van [persoon 2] van 22 mei 2025, pagina 67 e.v.;
- Het geschrift, zijnde het rapport van het Nederlands Forensisch Instituut van 15 augustus 2025.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.Beslissing
een gevangenisstraf van 42 maanden waarvan 12 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
( art 10 lid 5 Opiumwet Pro, art 2 ahf Pro/ond A Opiumwet, art 47 lid 1 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht)