ECLI:NL:RBZWB:2026:572
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Beschikking
- Tilman-Knoester
- Rechtspraak.nl
Ontbinding arbeidsovereenkomst wegens verstoorde arbeidsverhouding zonder herplaatsingsmogelijkheid
Werkgever heeft bij de rechtbank een verzoek ingediend tot ontbinding van de arbeidsovereenkomst met werknemer, stellende dat de arbeidsverhouding duurzaam en onherstelbaar is verstoord en herplaatsing niet mogelijk is.
Tijdens de zitting op 19 januari 2026 erkent werknemer dat de arbeidsverhouding zodanig is verstoord dat voortzetting redelijkerwijs niet van werkgever kan worden verlangd en ziet ook geen mogelijkheden tot herplaatsing.
De kantonrechter oordeelt dat er een redelijke grond bestaat voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst wegens de verstoorde arbeidsverhouding. Er is geen opzegverbod van toepassing. De ontbinding wordt vastgesteld met ingang van 1 maart 2026, rekening houdend met de opzegtermijn en procedureduur.
Ten aanzien van de proceskosten beslist de kantonrechter dat partijen ieder hun eigen kosten dragen. De beschikking wordt uitvoerbaar bij voorraad verklaard en op 22 januari 2026 in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 maart 2026 wegens een duurzaam verstoorde arbeidsverhouding zonder herplaatsingsmogelijkheid.