ECLI:NL:RBZWB:2026:5667

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
27 mei 2026
Publicatiedatum
27 juni 2026
Zaaknummer
C/02/448253 / FA RK 26-2525
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • Willemsen
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Verlening zorgmachtiging voor betrokkene met psychische stoornis voor twaalf maanden

De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 27 mei 2026 een zorgmachtiging verleend aan betrokkene, geboren in 1999, voor de duur van twaalf maanden. De machtiging is aangevraagd door de officier van justitie en betreft verplichte zorg vanwege een psychische stoornis die ernstig nadeel veroorzaakt.

Betrokkene lijdt aan schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, bipolaire-stemmingsstoornissen en verslavingsstoornissen. Deze aandoeningen leiden tot ernstig lichamelijk letsel, maatschappelijke teloorgang en agressie bij psychotische episodes. Betrokkene heeft onvoldoende ziekte-inzicht en gebruikt cannabis tijdens episodes, wat het risico op terugval vergroot.

De rechtbank oordeelt dat vrijwillige zorg onvoldoende is en dat verplichte zorg noodzakelijk is om het ernstig nadeel af te wenden. De toegewezen zorg omvat medicatietoediening en beperkingen in de vrijheid, waaronder het onderhouden van contact met het FACT-team. Minder bezwarende alternatieven zijn niet beschikbaar. De machtiging geldt tot 27 mei 2027 en is mondeling uitgesproken door rechter Willemsen.

Uitkomst: De rechtbank verleent een zorgmachtiging voor twaalf maanden om verplichte zorg en toezicht te waarborgen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Familie- en Jeugdrecht
Locatie Breda
Zaaknummer: C/02/448253 / FA RK 26-2525
Datum uitspraak: 27 mei 2026
Beschikking zorgmachtiging
op het verzoek van de officier van justitie voor
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 1999 in [geboorteplaats] ,
hierna te noemen betrokkene,
wonend in [plaats] ,
advocaat mr. F.J. Koningsveld uit Breda.

1.Het verloop van de procedure

1.1.
De rechtbank neemt de volgende stukken mee in de beoordeling:
- het verzoekschrift met bijlagen, binnengekomen bij de rechtbank op 18 mei 2026.
1.2.
De zitting met gesloten deuren heeft plaatsgevonden op 27 mei 2026. Daarbij zijn gehoord:
  • betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat;
  • mevrouw [persoon] , casemanager van het FACT-team.

2.Wat vaststaat

2.1.
De rechtbank heeft een machtiging verleend tot en met 11 juli 2026.

3.Het verzoek

3.1.
De officier van justitie verzoekt de rechtbank een zorgmachtiging te verlenen voor de duur van twaalf maanden.

4.De standpunten

4.1.
Betrokkene geeft aan dat het goed met hem gaat. Hij vindt een zorgmachtiging niet nodig, omdat het zonder een zorgmachtiging ook goed met hem gaat en hij in contact zou blijven met het FACT-team. De ouders van betrokkene vinden het echter wel fijn als er een zorgmachtiging komt, zodat er een vangnet is, voor het geval het mis gaat met betrokkene.
4.2.
De casemanager verklaart dat het momenteel goed gaat met betrokkene. Het contact tussen betrokkene en het FACT-team verloopt goed en betrokkene houdt zich aan afspraken. Betrokkene heeft het echter zelf niet altijd door als het minder goed met hem gaat. Een zorgmachtiging is daarom nodig als stok achter de deur, om tijdig in te kunnen grijpen als het niet goed gaat met betrokkene. De komende periode zal er gewerkt worden aan het vergroten van het ziekte-inzicht van betrokkene en het opstellen van een signaleringsplan.
4.3.
De advocaat voert aan dat er sprake is van een enorme positieve lijn. De advocaat twijfelt of een zorgmachtiging noodzakelijk is, maar het zou voor betrokkene en zijn ouders fijn zijn om een zorgmachtiging achter de hand te hebben voor het geval dat het mis gaat.

5.De beoordeling

5.1.
De rechtbank verleent de gevraagde machtiging voor de duur van twaalf maanden. Zij legt hierna uit waarom zij deze beslissing neemt.
5.2.
De rechtbank constateert op basis van de medische verklaring dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis. Blijkens die verklaring heeft betrokkene namelijk een schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, bipolaire-stemmingsstoornissen, middelgerelateerde en verslavingsstoornissen.
5.3.
Deze stoornis veroorzaakt ernstig nadeel. Dit nadeel bestaat uit:
- ernstig lichamelijk letsel;
- maatschappelijke teloorgang;
- het oproepen van agressie van een ander door het vertonen van hinderlijk gedrag.
5.4.
Tijdens een psychotische episode reageert betrokkene agressief richting anderen, wordt hij achterdochtig naar zijn omgeving en kan hij snel boos worden. Daarnaast slaapt betrokkene tijdens een psychotische decompensatie weinig, is hij onrustig en ervaart hij drukte in zijn hoofd door veel gedachten. Hij gebruikt dan cannabis en put zich in toenemende mate uit. Verder trekt hij zich terug uit het contact en lukt het hem dan niet om te werken.
5.5.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen heeft betrokkene zorg nodig.
5.6.
Er zijn geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis. Op dit moment heeft betrokkene nog onvoldoende ziekte-inzicht. Daarnaast zal de dosering van de medicatie binnenkort verlaagd worden. Dit brengt een risico op terugval met zich mee. Gelet hierop is het van belang dat er toezicht wordt gehouden op het toestandsbeeld van betrokkene. Een zorgmachtiging is om die reden nodig, zodat dit kan worden gewaarborgd. Bovendien staat betrokkene achter een zorgmachtiging als stok achter de deur om de gemaakte positieve stappen voort te zetten. Daarom is verplichte zorg nodig.
5.7.
De rechtbank is op grond van het zorgplan, de medische verklaring, de visie van de geneesheer-directeur en de toelichting tijdens de zitting van oordeel dat in ieder geval de volgende vormen van verplichte zorg nodig zijn:
- het toedienen van medicatie;
- aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen.
5.7.1.
Ten aanzien van de vorm van verplichte zorg ‘aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten’ overweegt de rechtbank dat daaronder wordt verstaan dat betrokkene contact moet blijven onderhouden met het ambulante FACT-team. Die verplichte zorgvorm zal dan ook op die wijze worden toegewezen.
5.7.2.
De overige door de officier van justitie verzochte vormen van verplichte zorg worden door de rechtbank niet noodzakelijk geacht, omdat de noodzakelijkheid daarvan niet (afdoende) is gemotiveerd en de casemanager van het FACT-team tijdens de zitting heeft bevestigd dat deze niet nodig zijn om het ernstig nadeel af te wenden.
5.8.
Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De vormen van verplichte zorg die de rechtbank toewijst zijn evenredig en naar verwachting effectief. Bij het bepalen van de juiste vormen van zorg is rekening gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen en om te zorgen voor de veiligheid van betrokkene en zijn omgeving.

6.De beslissing

De rechtbank:
6.1.
verleent een zorgmachtiging voor [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1999 in [geboorteplaats] , wat inhoudt dat de maatregelen die in 5.7. staan kunnen worden toegepast;
6.2.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 27 mei 2027.
Deze beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken op 27 mei 2026 door mr. Willemsen, rechter, in aanwezigheid van mr. Van Oorschot, griffier en op schrift gesteld op 8 juni 2026.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.