ECLI:NL:RBZWB:2026:566
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning bouw woning
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen twee omgevingsvergunningen voor de bouw van een woning in de gemeente Hulst, omdat de bouwactiviteiten al zijn gestart zonder benodigde vergunningen en onderzoeken. De cascowoning is inmiddels gerealiseerd, en de resterende werkzaamheden betreffen vooral afwerking zoals gevelbekleding en kozijnen.
De voorzieningenrechter overweegt dat de voorlopige voorzieningenprocedure bedoeld is voor situaties met onverwijlde spoed. Hoewel verzoeker stelt dat de resterende werkzaamheden onomkeerbare gevolgen hebben, oordeelt de rechter dat deze werkzaamheden relatief eenvoudig ongedaan kunnen worden gemaakt en dat de impact op brandveiligheid en het straatbeeld beperkt is. Ook is niet gebleken dat de omgevingsvergunningen betrekking hebben op ophoging van het maaiveld.
Gezien de vergevorderde bouwfase, de beperkte ingrijpende aard van de resterende werkzaamheden en de verwachting dat de bezwaarprocedure spoedig wordt afgerond, is het spoedeisend belang onvoldoende aannemelijk gemaakt. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Er is geen aanleiding voor proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Verzoek om voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunningen voor bouw woning wordt afgewezen wegens ontbreken spoedeisend belang.