ECLI:NL:RBZWB:2026:5643
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te late indiening navorderingsaanslag IB/PVV 2019
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de navorderingsaanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over 2019. De rechtbank beoordeelt het beroep zonder zitting omdat het kennelijk niet-ontvankelijk is wegens termijnoverschrijding.
De beroepstermijn van zes weken begon te lopen op 31 oktober 2024, de dag na de dagtekening van de uitspraak op bezwaar. De termijn eindigde op 11 december 2024. Het beroepschrift is pas op 30 januari 2025 ontvangen, ruim na het verstrijken van de termijn.
Belanghebbende stelde dat de termijnoverschrijding verschoonbaar was omdat hij na ontvangst van een aanmaning direct beroep had ingesteld. De rechtbank oordeelt dat het beroep ziet op de uitspraak op bezwaar en niet op de aanmaning, waardoor het beroep te laat is ingediend. Er is geen sprake van geringe verwijtbaarheid of verontschuldigbaarheid.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk en blijft het bestreden besluit in stand. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens overschrijding van de beroepstermijn zonder verontschuldigbare reden.