Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
uitspraak van de meervoudige kamer van 23 juni 2026 in de zaak tussen
[eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres
Dienst Toeslagen (voorheen Belastingdienst/Toeslagen), verweerder.
Samenvatting
Procesverloop
Beoordeling door de rechtbank
In de bijlage bij deze uitspraak is de relevante wet- en regelgeving opgenomen.
Na schorsing van de behandeling heeft eiseres (ongevraagd) een overzicht van het arbeidsverleden van haar partner overgelegd.
- als onzekerheid is over de vraag of de gestelde schade volledig is veroorzaakt door de kinderopvangproblematiek, wordt 75% toegerekend aan de kinderopvangtoeslagproblemen en wordt dit percentage toegepast bij de schadebegroting;
- als er grote onzekerheid is over de vraag of de gestelde schade volledig is veroorzaakt door de kinderopvangproblematiek, wordt 50% toegerekend aan de kinderopvangtoeslagproblemen en wordt dit percentage toegepast bij de schadebegroting;
- als er zeer grote onzekerheid is over de vraag of de gestelde schade volledig is veroorzaakt door de kinderopvangproblematiek, wordt 25% toegerekend aan de kinderopvangtoeslagproblemen en wordt dit percentage toegepast bij de schadebegroting.
16.1 De rechtbank constateert dat uit het overgelegde beoordelingsformulier van januari 2013 weliswaar volgt dat de partner van eiseres over het algemeen goed functioneerde, maar dat hij bij gelijkblijvend functioneren een vaste aanstelling zou hebben gekregen valt niet op te maken uit het beoordelingsformulier. Andere stukken die aanknopingspunten voor het verkrijgen van een vaste aanstelling bevatten, ontbreken. Dienst Toeslagen heeft naar het oordeel van de rechtbank daarom kunnen concluderen dat onvoldoende is onderbouwd dat het verkrijgen van een vaste aanstelling in de lijn van de verwachting lag. Het is daarom onvoldoende aannemelijk geworden dat sprake is van geleden inkomens- en pensioenschade van de partner van eiseres.
Omdat deze schade niet voldoende aannemelijk wordt geacht, wordt niet toegekomen aan de beoordeling van het causale verband tussen de gestelde inkomens- en pensioenschade van de partner en de problemen rondom de kinderopvangtoeslag. De overgelegde informatie van de huisarts, waarmee eiseres wil aantonen dat dit causale verband bestaat, behoeft daarom geen bespreking.
Conclusie en gevolgen
Beslissing
- verklaart het beroep ongegrond;
- veroordeelt Dienst Toeslagen tot het betalen aan eiseres van een vergoeding van immateriële schade wegens overschrijding van de redelijke termijn tot een bedrag van € 2.000,-;
- bepaalt dat Dienst Toeslagen het griffierecht van € 53,- aan eiseres moet vergoeden;
- veroordeelt Dienst Toeslagen tot betaling aan eiseres van een bedrag van € 2.335,- aan proceskosten.
Informatie over hoger beroep
Bijlage: relevante wet- en regelgeving
e. het opstellen en aanpassen van een schadebeoordelingskader ten behoeve van de
uitoefening van de adviestaak van de commissie.