ECLI:NL:RBZWB:2026:5561
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Verzet
- Rechtspraak.nl
Verzet tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep Woo-verzoeken ongegrond verklaard
Opposant heeft verzet ingesteld tegen de uitspraak van 12 januari 2026, waarin de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard wegens het feit dat het college op 31 januari 2025 alsnog op de Woo-verzoeken heeft beslist.
De rechtbank heeft het verzet op 8 juni 2026 behandeld, waarbij opposant aanwezig was en het college niet. Opposant stelde dat niet op alle Woo-verzoeken was beslist en dat documenten onleesbaar of niet beschikbaar waren, en dat hij niet kon controleren of het externe WOO-bureau alle documenten ontving.
De rechtbank oordeelt dat het beroep terecht niet-ontvankelijk is verklaard omdat het college op 31 januari 2025 een besluit heeft genomen dat alle verzoeken omvat. Opposant heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat er nog openstaande verzoeken zijn. Feitelijke handelingen zoals het niet tijdig verstrekken van documenten vallen buiten de bestuursrechterlijke toetsing.
Het verzet wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van 12 januari 2026 blijft in stand. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het verzet tegen de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep wordt ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak blijft in stand.