Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verdere verloop van de procedure
- de in deze zaak gegeven beschikking van 4 maart 2026 en de daarin genoemde stukken;
- de instemmende verklaring van de gekwalificeerde gedragswetenschapper van 20 mei 2026;
- het bericht van het college van 20 mei 2026, inhoudende een voortgangsrapportage van [locatie] ;
- de schriftelijke toestemmingsverklaring van 28 mei 2026 van de vader van [minderjarige] .
- twee vertegenwoordigers van het college;
- de advocaat van [minderjarige] ;
2.De feiten
3.Het (resterende) verzoek
4.Het standpunt van het college
5.De standpunten van belanghebbende
6.De (nadere) beoordeling
7.De beslissing
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.