ECLI:NL:RBZWB:2026:5264
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding toegekend na intrekking beroep tegen niet tijdig besluit Dienst Toeslagen
Verzoekster had beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op haar bezwaar tegen een beschikking van de Dienst Toeslagen. Nadat de Dienst Toeslagen alsnog een besluit nam, trok verzoekster haar beroep in. De rechtbank beoordeelde het verzoek om proceskostenvergoeding dat verzoekster bij intrekking had ingediend.
De Dienst Toeslagen erkende dat verzoekster recht had op een proceskostenvergoeding. De rechtbank oordeelde dat de Dienst Toeslagen aan verzoekster was tegemoetgekomen door alsnog een besluit te nemen, waardoor het beroep kon worden ingetrokken. Op grond hiervan wees de rechtbank het verzoek om proceskostenvergoeding toe.
De vergoeding werd vastgesteld op € 467,-, gebaseerd op het indienen van het beroepschrift en een factor 0,5 vanwege het lichte gewicht van de zaak. Daarnaast wees de rechtbank erop dat de Dienst Toeslagen verplicht is het griffierecht van € 53,- te vergoeden. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en openbaar gemaakt op 18 juni 2026.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de Dienst Toeslagen tot betaling van € 467,- aan proceskosten aan verzoekster na intrekking van het beroep wegens alsnog genomen besluit.