Uitspraak
Rechtbank ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek op de terechtzitting
2.De tenlastelegging
feit 2:samen met een ander handelingen heeft verricht die zijn gericht op het voorbereiden
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
en
eneen emmer (met daarin een bakje, garde
eneen pollepel)
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.Het beslag
8.De wettelijke voorschriften
9.Beslissing
gegeven verbod, meermalen gepleegd;
bereiden of te bevorderen, voorwerpen en stoffen voorhanden hebben,
waarvan hij weet dat zij bestemd zijn tot het plegen van dat feit;
een gevangenisstraf van 12 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar;
de tijddie verdachte voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak
in voorarrestheeft doorgebracht
in minderingwordt gebracht bij de tenuitvoerlegging van de opgelegde gevangenisstraf;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarden:
* dat verdachte binnen de proeftijd deelneemt aan de gedragsinterventie CoVa/Solo van de reclassering of aan een andere gedragstraining die gericht is op cognitieve vaardigheden, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering de training nodig vindt. Verdachte houdt zich aan de afspraken en aanwijzingen van de trainer;
* dat verdachte zich inspant voor het vinden en behouden van betaald of onbetaald werk en/of vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;
* dat verdachte meewerkt aan het aflossen van zijn schulden en het treffen van afbetalingsregelinen, ook als dit inhoudt meewerken aan schuldhulpverlening in het kader van de Wet Schuldsanering Natuurlijke Personen. Verdachte geeft de reclassering inzicht in zijn financiën en schulden;
* 1 STK weegschaal (omschrijving: PL2000-2026001924-G2947800);