Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.[gedaagde 1] ,
2.
[gedaagde 2],
3.
[gedaagde 3] B.V. tevens handelend onder de naam [bedrijf 2],
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
tegen de door hem goedgekeurde bedragen zoals besproken en op papier uitgereikt”. Ter zitting is duidelijk geworden dat [gedaagde 1] vooraf wel een tabel heeft gezien waarbij prijzen zijn genoemd. Volgens hem was dat niet deze tabel, maar dat acht de rechtbank niet aannemelijk. Gesteld noch gebleken is dat sprake zou zijn van meer dan één tabel. De in deze tabel opgenomen aantallen en prijzen komen overeen met hetgeen in rekening is gebracht op de factuur van 19 april 2024, welke door [gedaagde 3] (namens [gedaagde 1] ) is betaald en over de juistheid waarvan geen discussie bestaat. Omdat de factuur van 19 september 2024 qua aantallen en prijzen ook overeenkomt met deze tabel, is de rechtbank van oordeel dat [gedaagde 1] zich heeft verbonden alle wijnvoorraad tegen de genoemde aantallen en prijzen over te nemen.