Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
JEUGDBESCHERMING BRABANT,
1.Het verloop van de procedure
- het bericht van de Raad met bijlagen, ontvangen op 13 april 2026;
- de brief van [minderjarige 1] , ontvangen op 29 april 2026.
- de moeder (via een Teams-verbinding), bijgestaan door haar advocaat (via een Teams-verbinding) en een tolk in de Engelse taal;
- de vader (telefonisch), bijgestaan door zijn advocaat;
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De standpunten
5.De beoordeling
- [minderjarige 1] en [minderjarige 2] groeien op in een zowel fysiek en emotioneel veilige omgeving, waarbij niet fysiek wordt gestraft, zij voldoende rust, stabiliteit en ruimte ervaren om zich binnen hun eigen mogelijkheden optimaal te kunnen ontwikkelen;
- De kinderen hebben onbelast contact met beide ouders; zij durven open te zijn over hun beleving in het contact met de ouders. De ouders ondersteunen de kinderen hierbij;
- De kinderen hebben onbelast contact met elkaar. De ouders ondersteunen en stimuleren dit;
- De kinderen ervaren de ruimte om zichzelf te richten op hun eigen ontwikkelingstaken die passend zijn bij de leeftijd en de kinderen worden niet belast door spanningen en de communicatie tussen de ouders;
- De kinderen kunnen de ervaringen (ruzies en het getuige zijn van ruzies) uit het verleden bespreken en verwerken;
- De ouders hebben inzicht op de impact van hun gedrag op de ontwikkeling van de kinderen, voeren ouderschap in hun eigen huis, geven geen oordeel over de andere ouder en beseffen dat ze geen invloed hebben op de andere ouder en handelen hiernaar.
6.De beslissing
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.