ECLI:NL:RBZWB:2026:4797
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Beschikking
- Zuijdweg
- Rechtspraak.nl
Beslissing over geschil zorgregeling ondertoezichtstelling minderjarige
De zaak betreft een geschil over de uitvoering van de zorgregeling voor een minderjarige die onder toezicht staat van een gecertificeerde instelling (GI). De ouders, die gezamenlijk het ouderlijk gezag hebben, konden geen overeenstemming bereiken over de zorgregeling voor 2025 en 2026, ondanks inzet van hulpverlening en een traject Expert in ouderrelaties.
De vader wilde de zorgregeling voorafgaand aan de zomervakantie van 2025 niet wijzigen, met name niet de wisseling van weken, vanwege werkverplichtingen. De moeder ging er op basis van e-mailcorrespondentie vanuit dat de vader instemde met het volledige schema, waarin de weken na de herfstvakantie van 2025 waren gewisseld. Dit leidde tot een impasse.
De kinderrechter heeft geprobeerd een vergelijk te bereiken, maar dit bleek niet mogelijk. Gezien het belang van de minderjarige en de praktische gevolgen voor vakanties en werkroosters, besloot de rechter de zorgregeling voor 2026 ongewijzigd te laten en vanaf 2027 de wisseling van zorgweken te laten plaatsvinden. Tevens werd het verzoek om de beslissing uitvoerbaar bij voorraad te verklaren afgewezen.
De kinderrechter benadrukte het belang van verdere communicatie tussen de GI en de vader om toekomstige conflicten te voorkomen en wees op de taak van de GI om de vakantieverdeling te stroomlijnen. Tegen deze beschikking staat geen hoger beroep open.
Uitkomst: De zorgregeling voor 2026 blijft ongewijzigd en vanaf 2027 vindt de wisseling van zorgweken plaats zoals vastgesteld.