Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
3.Het verzoek
4.De beoordeling
[datum] 2026 om [uur] .Uiterlijk een week voorafgaand aan deze datum dient de GI een briefrapport aan de kinderrechter en de belanghebbenden te overleggen waarin de ontwikkelingen van de afgelopen tijd worden beschreven en waarbij de GI aangeeft of zij het restantverzoek nog handhaaft.
5.De beslissing
[datum] 2026 om [uur]ten overstaan van mr. Duinhof, kinderrechter, voor de duur van 45 minuten;
- degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak;
- andere belanghebbenden, binnen drie maanden na de betekening van deze beschikking of binnen drie maanden nadat zij op andere wijze daarvan kennis hebben genomen.