Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
op 15 november 2025 te [plaats] tezamen en in vereniging met een of meer anderen opzettelijk aanwezig heeft gehad
- 155,43 gram MDMA, en
-
11,65 gram2-CB, en
- 137,97 gram mephedrone, en
-
74,68 gram2-MMC en
-
82,07 gramcocaïne en
-
48,8 gramamfetamine,
zijnde MDMA en 2-CB en mephedrone en 2-MMC en cocaïne en amfetamine, telkens een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I en 1a;
in of omstreeks de periode van 9 september 2025 tot en met 15 november 2025 te [plaats] ,
tezamen en in vereniging met een ander of anderen meermalen telkens opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA en
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende mephedrone en
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2-MMC en
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine,
zijnde MDMA en 2-CB en mephedrone en 2-MMC en cocaïne en amfetamine, telkens een middel als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I en 1a;
op 15 november 2025, te [plaats] tezamen en in vereniging met een of meer anderen, voorwerpen, te weten geldbedrag
enter hoogte van € 19.000,- en € 940,-, heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of heeft omgezet, terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en) dat die voorwerpen - onmiddellijk of middellijk - afkomstig waren uit enig (eigen) misdrijf.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
wederombezighield met drugshandel. Verdachte had beter moeten weten en zou als vader zijn dochter het goede voorbeeld moeten geven.
7.Het beslag
8.De vordering tot tenuitvoerlegging
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
- verklaart het ten laste gelegde bewezen, zodanig als hierboven onder 4.4 is omschreven;
- spreekt verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
een gevangenisstraf van 14 maanden, waarvan 4 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar;
algemene voorwaardedat veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig zal maken aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaardendat:
- veroordeelde zich gedurende de proeftijd meldt op afspraken met de verslavingsreclassering Novadic-Kentron op het adres Korte Raamstraat 3, 4818 CJ te Breda, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering bepaalt op welke dagen en tijdstippen deze afspraken zijn. De reclassering zal contact opnemen met veroordeelde voor de eerste afspraak;
- veroordeelde diagnostisch onderzoek laat verrichten en zich gedurende de proeftijd laat behandelen door Novadic-Kentron of een andere zorgverlener, te bepalen door de reclassering, zolang de reclassering dat nodig vindt. De behandeling start zo spoedig mogelijk. De zorgverlener bepaalt de wijze van behandeling. De behandeling is gericht op het afnemen van diagnostiek, psychische problematiek en cognitieve vaardigheden en/of andere problematiek. Gelet op de problematiek kan onderdeel van de behandeling zijn dat veroordeelde voorgeschreven medicatie zal gebruiken;
- veroordeelde meewerkt aan bewustwording van de levensstijl en middelenproblematiek. Hiertoe werkt veroordeelde binnen het reclasseringstoezicht mee aan de begeleidingsmodule Stap voor Stap;
- veroordeelde zich inspant voor het vinden en behouden van betaald werk, onbetaald werk en/of vrijetijdsbesteding, met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag;
- veroordeelde zich laat begeleiden op sociaal-maatschappelijk gebied door een zorgverlener, te bepalen door de reclassering. Onderdeel van de begeleiding is ondersteuning bij praktische zaken en het vinden van passende dagbesteding. De begeleiding start zo spoedig mogelijk. De begeleiding duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. Veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de hulpverlenende instantie geeft voor de begeleiding;
- voorwaarden daarbij zijn:
- dat veroordeelde ten behoeve van het vaststellen van zijn identiteit, medewerking verleent aan het nemen van vingerafdrukken of een identiteitsbewijs als bedoeld in artikel 1 van Pro de Wet op de identificatieplicht ter inzage aanbiedt;
- dat veroordeelde medewerking verleent aan het reclasseringstoezicht, de medewerking aan huisbezoeken en het zich melden bij de reclassering zo vaak en zolang als de reclassering dit noodzakelijk acht, daaronder begrepen;
- geldbedrag EUR 940,00;
- geldbedrag EUR 6,70;
- verklaart onttrokken aan het verkeer de in beslag genomen voorwerpen, te weten:
- 110 stk verdovende middelen, crème;
- 126 stk xtc, blauw, doodshoofd;
- 74 stk verdovende middelen, crème;
- 79 stk verdovende middelen, wit;
- 18 stk cocaïne, wit;
- 32 stk verdovende middelen, crème;
- 9 stk verdovende middelen, crème;
tenuitvoerleggingvan het voorwaardelijk gedeelte van de bij arrest van het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch aan de veroordeelde opgelegde voorwaardelijke
gevangenisstrafvoor de tijd van
drie maanden.
hij op of omstreeks 15 november 2025 te [plaats] tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, opzettelijk aanwezig heeft gehad
- ongeveer 155,43 gram MDMA, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA en/of
- ongeveer 23,25 gram 2-CB, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2-CB en/of
- ongeveer 33,81 gram 2-CMC, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2-CMC en/of
- ongeveer 137,97 gram mephedrone, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende mephedrone en/of
- ongeveer 84,18 gram 2-MMC, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2-MMC en/of
- ongeveer 82,77 gram cocaïne, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en/of
- ongeveer 252,1 gram amfetamine, in elk geval een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine,
zijnde MDMA en/of 2-CB en/of 2-CMC en/of mephedrone en/of 2-MMC en/of cocaïne en/of amfetamine,(telkens) (een) middel(en) als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I en 1a, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij op een of meer tijdstippen in of omstreeks de periode van 10 maart 2025 tot en met 15 november 2025 te [plaats] , in elk geval in Nederland,
tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, meermalen, althans eenmaal, (telkens) opzettelijk heeft verkocht en/of afgeleverd en/of verstrekt en/of vervoerd, in elk geval (telkens) opzettelijk aanwezig heeft gehad
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende MDMA en/of
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2-CB en/of
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2-CMC en/of
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende mephedrone en/of
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende 2-MMC en/of
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende cocaïne en/of
- een hoeveelheid van een materiaal bevattende amfetamine,
zijnde MDMA en/of 2-CB en/of 2-CMC en/of mephedrone en/of 2-MMC en/of cocaïne en/of amfetamine,(telkens) (een) middel(en) als bedoeld in de bij de Opiumwet behorende lijst I en 1a, dan wel aangewezen krachtens het vijfde lid van artikel 3a van die wet;
hij op of omstreeks 15 november 2025, te [plaats] tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen,
(een) voorwerp(en), te weten een geldbedrag ter hoogte van € 19.000,- en/of € 940,-, in elk geval een of meer geldbedragen, heeft verworven, voorhanden heeft gehad, heeft overgedragen en/of heeft omgezet, terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en) dat dat/die voorwerp(en) - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig (eigen) misdrijf.