Uitspraak
RECHTBANK Zeeland-West-Brabant
1.De procedure
2.De feiten
3.Het geschil
4.De beoordeling
indien de aannemer te kennen heeft gegeven dat het werk klaar is om te worden opgeleverd en de opdrachtgever het werk niet binnen een redelijke termijn keurt en al dan niet onder voorbehoud aanvaardt dan wel onder aanwijzing van de gebreken weigert, wordt de opdrachtgever geacht het werk stilzwijgend te hebben aanvaard. Na de aanvaarding wordt het werk als opgeleverd beschouwd.”Bouwbedrijf Rijk heeft tijdens de zitting erkend dat DMM heeft gevraagd om oplevering voor het project Enschede. Voor het project Eindhoven is dit volgens Bouwbedrijf Rijk niet gevraagd, maar ter zitting heeft Bouwbedrijf Rijk erkend dat op 30 oktober 2024 een opname is gedaan in Eindhoven en dat DMM zogenoemde ‘vooropleverpunten’ die daaruit naar voren kwamen op 1 november 2024 zou komen oplossen. Dat is volgens Bouwbedrijf Rijk niet gebeurd. Daarnaast heeft Bouwbedrijf Rijk toegelicht dat zij het project in één keer opleveren aan de hoofdopdrachtgever en dat er geen deelopleveringen worden gedaan.
“Indien het werk na oplevering gebreken vertoont waarvoor de aannemer aansprakelijk is, moet de opdrachtgever, tenzij zulks in verband met de omstandigheden niet van hem kan worden gevergd, aan de aannemer de gelegenheid geven de gebreken binnen een redelijke termijn weg te nemen, onverminderd de aansprakelijkheid van de aannemer voor schade ten gevolge van de gebrekkige oplevering.”Dat er dusdanige veiligheidsrisico’s zouden zijn waardoor Bouwbedrijf Rijk met spoed maatregelen moest treffen, is niet onderbouwd. Niet is gebleken dat DMM niet of niet binnen een redelijke termijn nog werkzaamheden zou kunnen uitvoeren.