De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 20 maart 2026 besloten om twee minderjarigen, geboren in 2019, onder toezicht te stellen van Stichting Jeugdbescherming West Zeeland voor de duur van twaalf maanden. Dit volgt op een voorlopige ondertoezichtstelling van drie maanden die niet heeft geleid tot vermindering van de zorgen.
De minderjarigen groeien op in een onveilige en onstabiele opvoedomgeving met voortdurende spanningen en conflicten tussen de ouders en hun partners, inclusief fysieke en verbale agressie. De ouders zijn onvoldoende in staat om samen te werken en de ontwikkelingsbedreigingen weg te nemen. De hulpverlening in de vorm van IPT is nog niet gestart vanwege een wachtlijst.
De rechtbank acht het noodzakelijk dat de minderjarigen onder toezicht blijven om hun veiligheid en ontwikkeling te waarborgen. Er worden doelen gesteld zoals het creëren van een veilige en stabiele opvoedsituatie, het voorkomen van huiselijk geweld, en het verbeteren van de communicatie tussen ouders. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard en er is mogelijkheid tot hoger beroep binnen drie maanden.